Wanneer valt er weer wat te lachen voor de lachstern?

Elke zomerperiode wordt Noord-Holland bezocht door zo’n 35 a 40 lachsterns. Dit jaar – en dat is bijzonder – hangt er ook een groepje van ongeveer 12 in Groningen rond. De vogels komen uit Duitsland, waar aan de kust van de Waddenzee nog een kleine populatie leeft. Ongeveer een derde van de lachsterns die momenteel gezien worden is jong: duidelijk te herkennen aan de bleke koppen en het bruin op de vleugels. Ze worden na het uitvliegen nog wekenlang gevoerd door de ouders. Helaas is al ongeveer 10 jaar het broedsucces slecht, de kans op uitsterven wordt steeds groter.

Dat er nog steeds gebroed wordt, komt doordat de volwassen vogels oud worden. Er is recentelijk een beschermingsprogramma opgestart, maar dat heeft vooralsnog geen verbetering gebracht. Door het wegspoelen van nesten door stormvloed, het natte en koude weer tijdens de jongenfase, predatie door vossen en (opzettelijke) menselijke verstoring, bleef de teller in 2011 op tien jongen hangen.

In 2005 heeft er nog een paar gebroed op het Balgzand bij Den Helder, zonder succes. Het betekent wel dat er, als het Duitse beschermingsprogramma alsnog zal slagen, mogelijkheden zijn voor de lachstern om als broedvogel terug te keren.

De lachstern jaagt op muizen, kikkers, insecten en soms ook jonge vogels. Hij zoekt zijn prooi dus voornamelijk boven land, slootjes, kwelders en moerassen. In tegenstelling tot roofvogels pakt hij zijn prooi met hun krachtige snavel.
Publicatiedatum: 10-08-2012
“Duizenden trekvogels strijken hier neer voor voedsel”