Een houvast voor mosselen

vrijdag 2 juli 2010

Door Tim van Oijen

Om de mosselvisserij in de Waddenzee te verduurzamen wordt er in de toekomst niet meer op wilde mosselbanken gevist. In plaats daarvan wordt het mosselzaad opgevangen in zogeheten mosselzaad-invanginstallaties (MZI’s). Wetenschappers hebben onderzocht op welk materiaal de schelpdieren het best hechten en dus het meest geschikt is voor toepassing in de MZI’s.

Sinds de jaren vijftig is de mosselvisserij op de Waddenzee een combinatie van vissen en kweken. Mosselzaad wordt in het voorjaar op de natuurlijke mosselbanken opgevist en vervolgens naar kweekplots verplaatst, waar de omstandigheden geschikt zijn voor snelle groei. De afgelopen decennia zijn er door de voortdurende visserijdruk geen stabiele banken meer tot ontwikkeling gekomen. Hierdoor liepen de mosselbestanden geleidelijk aan terug. Het afsluiten van gebieden voor bodemberoerende visserij moet het herstel van de natuurlijke banken bevorderen. Om de kweekpercelen te blijven voorzien van voldoende mosselzaad worden er alternatieve methoden ontwikkeld. De belangrijkste daarvan is het gebruik van mosselzaad-invanginstallaties (MZI’s). Dit zijn constructies met verticale lijnen of netten waaraan de schelpdieren zich kunnen hechten (afb. 1). In de Waddenzee zijn inmiddels flinke oppervlaktes voor deze installaties gereserveerd; een deel van de locaties is al in gebruik genomen. Het doel is om in 2020 geen bodemberoerende mosselzaadvisserij in de Waddenzee meer te hebben.

Mossellarven houden van fleece

Een belangrijke factor die het succes van de MZI’s bepaalt, is of de mosselen goed vast blijven zitten en niet wegspoelen door de sterke stroming. Mosselen maken zogeheten byssusdraden (afb 2.), die bestaan uit eiwitten. Hiermee zetten ze zich aan elkaar en aan bijvoorbeeld stenen vast. Wetenschappers hebben in het Jade estuarium in de Duitse Bocht onderzocht welk materiaal het meest geschikt is als lijn om mosselen aan te kweken. Ze hingen stukjes van tien verschillende soorten materialen onder een brug waaronder een flinke stroming heerste. Op fleece-achtig materiaal bleek zich veel mosselzaad te vestigen. Maar naarmate de mosselen groter werden, raakten ze vaak weer los. Voor de grotere exemplaren waren materialen met dikkere vezels en uitsteeksels heel geschikt. Onder de microscoop zagen de onderzoekers dat de goede hechting mede kwam doordat de uitsteeksels samen met de byssusdraden van de mosselen stevige knoedels vormden.

Ecologische effecten

Uit de resultaten concluderen de wetenschappers dat bij de mosselkweek het best achtereenvolgens verschillende materialen kunnen worden gebruikt. Hoe dit in de praktijk precies vorm moet worden gegeven, moet nog verder worden onderzocht. Verder is voor een succesvolle mosselkweek naast de keuze van het juiste materiaal bijvoorbeeld ook een degelijke constructie van belang, en de selectie van een geschikte locatie. Er zullen bovendien nog meer studies moeten worden verricht naar de ecologische effecten van de installaties. De invang van voedsel door de mosselen kan lokaal de voedselvoorziening voor andere organismen beperken. Daarnaast kunnen de reststoffen die de mosselen uitscheiden de waterkwaliteit onder of nabij de MZI’s beïnvloeden.

Bronnen

Brenner, M. en B.H. Buck (2010). Attachment properties of blue mussel (Mytilus edulis L.) byssus threads on culture-based artificial collector substrates. Aquacultural Engineering 42, p. 128-139.

Artikel WadWeten

Het  wekelijkse artikel 'WadWeten' verschijnt in de digitale nieuwsbrief (aanmelden kan hiernaast op de pagina onder "Nieuwsbrief") en op de websites van de Waddenvereniging en de Waddenacademie. In deze serie artikelen wordt het waddengebied beschreven vanuit verschillende onderzoeksdisciplines, zoals de biologie, de geologie en de cultuurhistorie. Een wetenschappelijke benadering in heldere taal. De berichten worden beurtelings geschreven door wetenschappers van Ecomare, de Waddenacademie en de Waddenvereniging.

“Duizenden trekvogels strijken hier neer voor voedsel”