Blog van Josje Fens

Wat is natuur?

donderdag 6 maart 2014
Blog van Josje Fens

Afgelopen weekend was ik op Vlieland, even lekker uitwaaien. Op weg naar het Posthuys stopte ik, op het punt waar ineens het wad weer tevoorschijn komt achter de duinen. Het was eb en ik genoot van het weidse uitzicht. Naast ons stond een groepje. Ik ving flarden van het gesprek op. 'Nee, het is geen zeehond, joh, het is een bruinvis' en ook 'zou hij bij vloed zelf weer terug kunnen zwemmen?'. Er was iets aan de hand op dat wad. In de verte lag een 'zeehondvormig' hoopje. Verschillende mensen vroegen zich af of het inderdaad een zeehond was. Ik dacht van niet. Er liggen wel vaker hoopjes op het wad. Daar ging de ophef van dat groepje vast niet over. Voorzichtig glibberde ik naar de waddenrand. In eerste instantie leek er niks te zien. Maar toen ik een stukje langs het wad liep schrok ik ineens op van een geluid. En daar lag hij (of zij zo bleek later): een bruinvis. De kleine dolfijn zat tegen de basaltblokken aangedrukt. Haar staart in een plasje water. Driftig ademend door het luchtgat op haar hoofd. Een gevecht om leven of dood.

 

Een bruinvis spoelt niet aan als er niks aan de hand is, net als een vis niet op een wadplaat achterblijft bij eb, zo weet een bruinvis ook dondersgoed waar hij wel of niet kan zwemmen. Veel was er niet te zien aan de bruinvis, zou zij door een ‘natuurlijke’ oorzaak hier zijn terechtgekomen, of door toedoen van mensen? En maakt dat uit? Ik vroeg me af of ik het beest kon redden, moest redden. Het is duidelijk dat een aangespoelde bruinvis niet zelf de weg naar zee meer zal vinden. Het kon nog zo 10 uur duren voordat er op deze plek weer water staat. En ja, dat is de natuur. Ook bruinvissen sterven soms, en je moet de natuur zijn gang laten gaan. Toch?

 

Ik had een keer eerder een bruinvis gezien, een elegante gladde vin boven het water. Maar zo veel tijd om een bruinvis in levende lijve te bekijken had ik nog niet eerder gehad. De grote ogen, met een traan, en aan een kant een snee. De gladde huid, de fiere vin, het luchtgat zoals ik dat alleen nog maar bij grote walvissen in natuurfilms had gezien, en die wanhopig spartelende staartvin in dat plasje water. Een prachtig beest. Een levend beest. Dat zonder hulp naar lucht zou blijven happen tussen de basaltblokken.

 

Medeleven, willen helpen, dat zit in mijn natuur. Ik kon die bruinvis daar niet laten liggen. Daarom belde ik de Noordwester, het natuurcentrum op Vlieland. Al snel hoorden we een tractor aankomen met stoere Vlielanders, zeehondenmanden en dekens. De bruinvis werd kort geïnspecteerd: 'snee bij het rechteroog, groene ontlasting, hoge temperatuur'. Door de stress en door het gebrek aan water kan de temperatuur van een bruinvis snel oplopen. De bruinvis werd snel in een natte deken gewikkeld en in de armen van een van de stoere Vlielanders achterop de tractor naar het dorp gereden. Daar is de bruinvis nat gehouden tot zij de boot op kon. Nu wordt er voor haar gezorgd bij SOS Dolfijn in Harderwijk. Ik hoop van harte dat ‘mijn’ bruinvis snel weer rond zal zwemmen in de Waddenzee.