Een rampjaar in beeld

Is de Waddenzee beter beschermd?

 

In de nacht van 1 op 2 januari verloor het vrachtschip MSC Zoe 342 zeecontainers boven de Waddeneilanden in de Noordzee. Door de stroming en harde noordenwind veranderde het waddengebied in één klap in een enorme afvalberg. Een jaar na de containerramp kijken we terug. Is de Waddenzee nu beter beschermd tegen scheepsrampen?

 

In een tijdlijn laten we zien wat er in een jaar tijd is gebeurd. Conclusie: er is veel in beweging gezet, maar concrete resultaten waarmee de Waddenzee er echt iets mee opschiet zijn er veel minder. Ondanks alle publiciteit, politiek debat en onderzoeken worden veel maatregelen nog steeds vooruit geschoven. De politiek vindt dat er meer onderzoek nodig is, of maatregelen vertragen in de ambtelijke / juridische molen.

 

Concrete resultaten na één jaar:

  1. 2.424.930 kg is daadwerkelijk uit zee gehaald
  2. Sommige containerschepen, waaronder die van reder MSC, mijden de route vlak boven de Waddeneilanden.

 

Kom in actie tijdens de #WadMinder maand

Iedereen die de enorme ravage na de containerramp heeft gezien, is geconfronteerd met ons eigen consumeergedrag. Het is simpel: is er geen vraag naar producten van overzee, dan ook geen transport. Veel kleine stapjes kunnen zo uiteindelijk tot grote veranderingen leiden. Daarom nodigen we je uit om mee te doen aan de #WadMinder maand. Door samen te consuminderen helpen we de Wadden. 

Ga naar waddenvereniging.nl/wadmindermaand en draag jouw steentje bij! 



Eind januari starten allerlei onderzoeken naar de oorzaken en gevolgen van de ramp.  Op onze website geven we een overzicht. De politiek geeft aan eerst de uitslagen van de onderzoeken af te willen wachten voordat er maatregelen worden genomen. De Waddenvereniging wil daar niet wachten. Wij vinden dat er geen onnodige risico’s meer genomen mogen worden: de scheepvaart moet nu veiliger

 

Op 21 januari, 19 dagen na de containerramp, krijgen we via de pers de eerste indrukken van berging van de nu 240 gelokaliseerde containers. Het zien van de beelden roept hetzelfde moedeloze gevoel op als wanneer je op de kermis met een grijper een knuffel of horloge uit de automaat probeert te halen. Rijkswaterstaat gaat er vanuit dat de meeste containers kapot zijn. Dat betekent dat de enorme vuilnisbelt die we tot nu toe op onze stranden, duinen, dijken en kwelders hebben gezien slechts een fractie is van wat er nog op de zeebodem ligt. Lees meer

 

Telefoontjes en mailtjes blijven ondertussen dagelijks binnenstromen. Wij zijn verrast door al deze hartverwarmende reacties en de enorme betrokkenheid bij de ramp.

 

Op 12 januari wordt de webapp Waddenplastic gelanceerd. Vrijwilligers wordt gevraagd om naast opruimen ook te helpen door aangespoelde plastic korrels in kaart te brengen.

 

Zo lang er nog containers in zee liggen, blijft het risico bestaan dat er weer opnieuw rotzooi aanspoelt. In het televisieprogramma Koffietijd doet ledenvertegenwoordiger van onze vereniging,  Jorien Bakker de bevlogen oproep om ons Waddenzee Werelderfgoed nog beter te beschermen. Volgens Gerard Janssen van Rijkswaterstaat vormen de microplastics de grootste bedreiging. Terugkijken? 

 

Op 10 januari zit de Waddenvereniging in Hotel Zeezicht in Harlingen om tafel met minister Cora van Nieuwenhuizen van Waterstaat en Infrastructuur over de aanpak van de containerramp. Lutz Jacobi, directeur van de Waddenvereniging uit haar zorgen over de effecten op de kwetsbare Waddennatuur. Tijdens het gesprek erkent de minister voor het eerst dat het gaat om een ecologische ramp. De Waddenvereniging vindt het belangrijk om dit van de minister te horen, zodat er vanaf nu af aan ook naar gehandeld wordt.

 

Vanaf 8 januari starten de eerste onderzoeken naar de gevolgen van de containerramp. Zo wordt op Schiermonnikoog de eerste inventarisatie van aangespoelde plastic korrels gedaan.

 

Op 7 januari melden we dat de eerste schepen die meedoen aan de grote zoek- en bergingsactie van de verloren zeecontainers zijn uitgevaren. De start van een enorme operatie die zeker maanden zal duren. In dit artikel in de Leeuwarder Courant wordt de opruimactie omschreven. Uiteindelijk wordt door slechte weersomstandigheden pas op 21 januari gestart met de berging van de eerste zeecontainers.

 

Frustrerend is dat bij de overheid geen plan klaar ligt wat te doen bij een containerramp als deze. Ook blijkt dat de coördinatie tussen overheden en vrijwilligers sterk te wensen overlaat. De Veiligheidsregio oordeelt de containerramp aanvankelijk als GRIP 1, maar verhoogt deze op 7 januari mede op ons aandringen naar GRIP 4. Dit betekent een opschaling van het rampenniveau.

 

Op zondag 6 januari roept bergingsbedrijf BDS uit Harlingen onze hulp in om Simonszand op te ruimen. Na onze oproep op Twitter melden zich na 15 vrijwilligers om op de dag erna samen met collega Wouter van der Heij de zandplaat op te ruimen. 

Met elk getij spoelt er rotzooi aan uit de containers. De betrokkenheid en inzet van iedereen om het te blijven opruimen is fantastisch. Er is nog steeds geen officieel centraal coördinatiepunt. Behulpzaam is een Google Maps kaartje (@helpwad) dat door vrijwilligers wordt bijgehouden waarop alle acties en hotspots van rommel worden bijgehouden. Via Facebook en Twitter probeert de Waddenvereniging alle vrijwilligers zo goed mogelijk te wijzen op alle acties die plaatsvinden.

 

Op ons kantoor in Harlingen is het een drukte van jewelste, alle telefoontjes beantwoorden, vraag en aanbod op elkaar af stemmen, de pers te woord staan en de social media up-to-date houden. In allerijl krijgt onze website een extra pagina ‘containerramp’ waarop informatie gebundeld wordt over de gevolgen van de containerramp, wat de Waddenvereniging doet en hoe mensen kunnen helpen met opruimen.

 

Op 5 januari steken wij wederom de handen uit de mouwen en helpen Stichting Noordzee bij een gezamenlijke schoonmaakactie.  Ook oostelijk van Lauwersoog blijkt de kust bezaaid met piepschuim. Collega Bas Bijl doet een oproep via Twitter om daar de troep op te ruimen. 30 vrijwilligers verzamelen zich zaterdag om 11.45 uur bij het Waterschapshuisje en gaan aan de slag tot de duisternis valt. Verder oostelijk zijn de kwelders bezaaid met matrassen en schoenen. Dat wordt een klus voor de volgende dag.

 

Op 4 januari vertrekken medewerkers en leden van de ledenraad naar Terschelling om daar op te ruimen. Plastic zakken en grijpertjes worden uitgedeeld en wordt vervoer naar de stranden geregeld. De gemeente Terschelling, Staatsbosbeheer en plaatselijke restaurants zorgen voor koffie en eten voor de honderden verwaaide, blauwbekkende, hardwerkende opruimers. Rederij Doeksen levert ‘schoonmaakkaartjes’ tegen gereduceerd tarief. Er zijn geen georganiseerde acties. Iedereen doet wat hij of zij kan.

 

3 januari trekken in alle vroegte de eerste enthousiaste jutters naar het strand van Terschelling om flatscreens, krukjes, my-little-pony’s, schoenen en klapstoelen te oogsten. De media komen met aansprekende beelden op internet, tv en in de krant.  De stemming slaat om wanneer de rotzooi maar blijft aanspoelen en blijkt dat de harde noorderwind ook plastic en (korrels) piepschuim de duinen en kwelders in blaast. Dan wordt duidelijk dat er een ecologische ramp dreigt waarvan de consequenties niet te overzien zijn. Het aangespoelde materiaal is levensbedreigend voor vissen, vogels en uiteindelijk de mens.

 

Op woensdag 2 januari komen de eerste berichten binnen over overboord geslagen zeecontainers. De eerste zeecontainers en losse spullen spoelen aan op Terschelling. Daarna volgen meldingen vanaf Ameland, Schiermonnikoog en ook Texel. De telefoon bij de Waddenvereniging staat roodgloeiend. Particulieren, natuurorganisaties, bedrijven en scholen, iedereen wil helpen de aangespoelde rommel op te ruimen. Rijkswaterstaat meldt ons dat het om 30 containers gaat. Het blijken er uiteindelijk veel meer te zijn.

 

Op 7 februari concluderen we dat de crisisfase voorbij is. Onder regie van Rijkswaterstaat is met alle organisaties die een stuk waddenkust beheren hard gewerkt aan het opstellen van een pakket maatregelen. De Waddenvereniging is hierbij nauw betrokken. Lees het artikel.

 

Op 3 februari publiceert de Leeuwarder Courant een lezenswaardige reconstructie van de eerste week na de containerramp. Conclusie: De eerste dagen na de containerramp op de Noordzee verliepen hectisch. Eilandburgemeesters dopten hun eigen boontjes, de Veiligheidsregio schaalde af en weer op. Vrijwilligers zorgden voor hoofdbrekens. 

 

Op 18 maart trekken we aan de bel. Wij vinden dat er niet snel genoeg wordt opgeruimd. Wij schatten in dat er in een worse case zo’n 10 miljoen kilo aan afval, aan containerresten en spullen is verloren. Uit de laatste berichten van Rijkswaterstaat blijkt dat er tot nu toe zo’n 1,6 miljoen kilo is opgeruimd. Er is nog een berg werk te verzetten.

 

Op 4 maart maken we een rekensom en komen tot de conclusie dat we anderhalf jaar elke dag 14.769 kg rotzooi moeten opruimen om het waddengebied weer schoon te krijgen.

 

De Waddenacademie stelt in het Friesch Dagblad van 2 maart dat we nooit de effecten van de containerramp op het zeeleven zullen weten. Twee redenen: de ladinggegevens van MSC Zoë en exacte aantallen van de overboord geslagen containers zijn niet bekend. Daarnaast hebben we geen goede nulsituatie.

 

Op 10 april zit de Waddenvereniging als expert aan tafel bij een rondetafelgesprek over de containerramp in de Tweede Kamer. Wij pleiten voor het verkleinen van de kans op een incident in de toekomst, efficiëntere bestrijding en een betere informatievoorziening. 

 

Onderwaterbeelden van duikers in de Noordzee laten op 21 mei zien dat de zeebodem boven de Waddeneilanden vol ligt met afval uit de MSC Zoe. 

 

De Waddenvereniging is teleurgesteld over de uitkomsten van een plenair debat dat op 14 mei in de Tweede Kamer plaatsvond over de containerramp. Concrete maatregelen blijven uit. We zien maar één lichtpuntje: inzet van vrijwilligers moet beter worden genut door de formele crisisorganisaties.

 

Tijdens een speciaal waddendiner met Tweede Kamerleden op 25 juni geven we onze 10 grootste zorgen mee aan de politiek. Dit is aan de vooravond van een groot politiek overleg, waarin gesteld wordt dat er druk gewerkt wordt aan de inzet van vrijwilligers en gebiedsdeskundigen. Ook wordt beloofd dat pas wordt gestopt met opruimen als er uit controles geen nieuwe onderdelen van de lading van de MSC Zoe worden aangetroffen. Er wordt ook een pakket met nazorgmaatregelen toegezegd, waarin geld voor natuurherstel is opgenomen.


Op 22 juni vieren we dat de Waddenzee 10 jaar geleden werd uitgeroepen tot UNESCO werelderfgoed. Tijdens een fietstocht door alle drie waddenlanden, lanceren wij onze 10 grootste zorgen. Onveilige scheepvaart staat op nummer 3 in de lijst. Ook plastic soep is een grote zorg. Directeur Lutz Jacobi fietst een etappe mee met een bakfiets vol MSC Zoe afval.  

 

Op 20 juni presenteert het Instituut Fysieke voor Veiligheid de evaluaties over de aanpak van zowel ministerie van I&W en de Veiligheidsregio.

 

Op 7 juni melden we onze deelname aan de nieuwe Community Plasticvrije Waddenzee. Het is een netwerk van burgers, bedrijven en beheerders die samen optrekken om de Wadden plasticvrij te krijgen. Rijkswaterstaat Noord-Nederland vervult een trekkersrol binnen de community. In mei was de eerste bijeenkomst.

 

Op 1 juni komt RTL Nieuws met het nieuws naar buiten dat de berging van de zeecontainers die van de MSC Zoe zijn gevallen, gestopt is. Rijkswaterstaat ontkent vervolgens in verschillende berichten het stopzetten van de berging. Wat is het geval? De berging is tijdelijk gestopt, omdat er controlesurveys worden uitgevoerd. Wanneer Rijkswaterstaat concludeert dat het op bepaalde locaties nog niet schoon genoeg is, zullen hiervoor gericht bergingsschepen worden opgeroepen om dit op te ruimen. 

 

Rijkswaterstaat start op 3 juli met een pilot waarbij geprobeerd wordt om met speciale netten klein afval van de zeebodem te vissen. Volgens Rijkwaterstaat is het meeste grote materiaal dat afkomstig is van de MSC Zoe al geborgen, nu pakken ze het kleinere materiaal aan. De pilot – Hot Spot Net Catching – duurt ongeveer 14 dagen en start op 3 plekken in de vaargeul op de Noordzee vlak boven de Waddeneilanden waar het meeste kleine afval ligt.

 

Met twee speciale Werelderfgoedetappes tijdens de Beach Cleanup Tour, excursies, een mini-tentoonstelling en een vijf meter hoge My Little Pony van afval organiseert de Waddenvereniging van 5 t/m 9 augustus samen met Vakantiepark De Krim, Stichting de Noordzee en Zeehondencentrum Pieterburen een hele Wadden Cleanup week in het teken van afval in zee óp Texel. Een feestje met een belangrijke boodschap!

 

Op 11 september sturen we met Stichting de Noordzee en 12 andere organisaties een brief aan MSC: neem verantwoordelijkheid zoals beloofd. We zijn niet tevreden over de afhandeling van de containerramp. Verloren lading is nog niet opgeruimd, slechts een fractie van de ingediende claims voor de opruimkosten vergoed. We vragen MSC en de sector daarnaast om meer te doen om dit soort rampen in de toekomst te voorkomen.  Lees hier de brief.

 

Directeur Lutz Jacobi van de Waddenvereniging deelt op 31 oktober in een opiniestuk haar zorgen over het uitblijven van maatregelen totdat uitslagen van onderzoeken bekend zijn. Er zijn voldoende feiten bekend om de wetgeving rond scheepvaart nu al aan te passen, vinden wij.

Vanaf 31 oktober waarschuwt de Kustwacht grote schepen die op de vaarroute boven de Waddeneilanden varen met een navigatiebericht: Voor grote schepen is de route vlak boven de eilanden onder bepaalde omstandigheden niet veilig. De maatregel is het resultaat van een waarschuwing door de Onderzoeksraad voor  Veiligheid. Die doet onderzoek naar mogelijke oorzaken van de ramp met het containerschip MSC Zoe.

 

In een tweeluik brengt het onderzoeksprogramma ZEMBLA nieuwe feiten over de containerramp in de openbaarheid. In de uitzending van 24 oktober wordt bekend dat de kans zeer groot is dat de MSC Zoe boven de Wadden de zeebodem raakte. De eerste uitzending van 10 oktober doet het meeste stof opwaaien. Is goed onderzoek naar MSC Zoe geblokkeerd?

 

Op 8 oktober herinneren we de reder MSC aan de brief die we stuurden. Tot op heden blijft de brief onbeantwoord.

 

Op 21 november maakt Natuurmonumenten de uitslag van een onderzoek bekend naar aangespoelde plastic bolletjes op Schiermonnikoog. De resultaten zijn schrikbarend. 

De Tweede Kamer voert de druk op het kabinet op om hardere maatregelen te nemen. GroenLinks, ChristenUnie en D66 willen dat het kabinet in actie komt. Zo moet er een schadefonds komen en willen verschillende partijen dat grote containerschepen via een noodwet een verbod krijgen om de zuidelijke vaarroute boven de Waddeneilanden te bevaren.

 

Op 17 december vinden stemmingen plaats over moties naar aanleiding van een Algemeen Overleg Maritiem en Wadden waarin maatregelen naar aanleiding van de ramp met de MSC Zoe werden besproken. In de aangenomen moties staat dat de regering binnen twee weken moet onderzoeken of, en zo ja hoe, zij bij wijze van noodmaatregel grote containerschepen met afmetingen vergelijkbaar met die van de MSC Zoe kan verbieden om de zuidelijke vaarroute boven de Waddeneilanden te bevaren tijdens een storm. Daarnaast moet de regering ook de mogelijkheden onderzoeken om de zuidelijke vaarroute permanent af te sluiten voor grote containerschepen. Daarnaast moet er een regeling komen voor het financieren van onderzoek naar en het voorkomen van langetermijnschade aan de Wadden en de kosten hiervoor zoveel mogelijk te verhalen op de reder. In het incident bestrijdingsplan moeten lessen uit de ramp met de MSC Zoe worden meegenomen om milieuschade door plastic bij een ramp in de toekomst te voorkomen. Daarnaast zijn er nog drie moties aangenomen waarbij de regering wordt verzocht om alles in het werk te stellen om alle schade op de reder te verhalen.


De Mediterranean Shipping Company, eigenaar van het rampschip MSC Zoe, vervuilde niet alleen het milieu door het verlies van zeecontainers. Half december maakt de Europese non-gouvernementele organisatie Transport & Environment bekend dat MSC dit jaar is opgenomen in de top tien van grootste CO2-vervuilers binnen de Europese Unie.