Dijkiconen

Van hemelpoort tot tempel

 

De Wadden spreken tot de verbeelding. Dat blijkt wel uit de kunstwerken die je her en der in het landschap ziet. Hoofdredacteur van het WADDEN magazine Hans Revier reist met fotograaf Sijka Rispens langs vier monumentale werken op de dijk van de Friese en Groninger waddenkust. De kunstwerken vertellen hoe we omgaan met de zee en ons staande weten te houden in onze weerbarstige wereld.

 

Tempel op de dijk

Rijdend van Leeuwarden naar Holwerd, besef je niet dat de Waddenzee dit gebied regelmatig overstroomde. Alleen de terpen, soms half afgegraven, met de eeuwenoude romaanse kerkjes verraden iets van de strijd tegen het wassende water. Vanaf het dorpje Hallum zie je in het noordwesten de Waddenzeedijk. Ter hoogte van Marrum ontwaren we een tempeltje op de dijk. 

Dit werk van Ids Willemsma (1949) uit Akkrum vertelt over de dijkverzwaring, die hier in 1993 werd voltooid. Het kunstwerk van bijna 400 ton is een stuk oude zeedijk dat op een presenteerblad boven de nieuwe zeedijk wordt opgetild door twaalf palen (de twaalf provincies), die net zo hoog zijn als de oude zeedijk. Op het blad ligt honderd vierkante meter kleigrond in de vorm en maat van de oude zeedijk.

 

Willemsma ontwierp volgens eigen zeggen ‘een hommage aan de dijkbouwer, die eeuwenlang de grond heeft opgeworpen om mens en dier tegen de onberekenbare zee te beschermen’. Vanuit de tempel, die eenvoudig vanaf de weg langs de zeedijk is te bereiken, hebben we prachtig zicht op het buitendijkse land van Noord-Friesland. Duizenden brandganzen grazen rustig op de zoute graslanden. Alleen een visarend, die speurend naar een lekker hapje een rondje over de kwelders maakt, verstoort de rust. Het is onvoorstelbaar dat tot ver in de jaren tachtig een verwoede strijd is gevoerd tegen de inpolderingen van dit gebied. Uiteindelijk hield alleen de Waddenvereniging voet bij stuk. Nu beheert It Fryske Gea Noord-Friesland Buitendijks als natuurgebied.

 Dijktempel bij Marrum, kunstenaar Ids Willemsma

 

 

Dunne en dikke Wachter

Holwerd lijkt uit te groeien tot het magisch centrum van de waddenkust. De plannen om de dijk te doorbreken en Holwerd aan Zee te realiseren zijn vergevorderd en met uitzicht op de veerbootterminal naar Ameland is het eerste Sense of Place-project gerealiseerd. Met dergelijke projecten wil voormalig Oerol-directeur Joop Mulder het onzichtbare zichtbaar maken: de schoonheid van het werelderfgoed Waddenzee en de bijna vergeten ontstaansgeschiedenis. Op de dijk ten noorden van Holwerd kijken twee vijf meter hoge vrouwenfiguren verwachtingsvol uit over de kwelders en het wad. In de verte zoekt een veerboot aarzelend zijn weg door de ondiepe geulen. Kluten hebben luidruchtig bezit genomen van een broedeiland in de kwelderplas.

 

‘Wachten op hoog water’ noemde beeldend kunstenaar Jan Ketelaar (1959) uit Drachten zijn werk. In 2018 plaatste hij de volle vrouw, onder meer omdat Leeuwarden de culturele hoofdstad van Europa was. Een jaar later volgde het dunne figuur. Strak verenigd op de dijk kijken ze nu uit richting zee.

Het beeld gaat volgens Ketelaar over de zoektocht naar balans en uitwisseling. ‘Op zee is het oorlog’, vertelde hij in het Friesch Dagblad. ‘We moeten zorgen dat het plastic uit de oceanen wordt gehaald, maar ook dat het er niet in komt. En er verdrinken vluchtelingen op zee. Hoe hou je dit als mensheid vol?’ Vanuit Holwerd lijkt het net of levende mensen uitkijken over het wad. Pas als je over het wandelpad dichterbij komt en de beelden kunt aanraken, ervaar je de dimensies van dit kunstwerk.

Wachten op hoog water bij Holwerd, kunstenaar Jan Ketelaar

 

 

Hemelpoort op de Noordkaap

Een 3 tot 5 kilometer brede strook landbouwgrond scheidt in Groningen de Waddenzee van de bewoonde wereld. Het is dus een heel eind fietsen voordat je vanuit Roodeschool, Uithuizermeeden of Usquert de waddendijk bereikt. Ook in Groningen is men op zoek naar meer toeristen en probeert men de waddenkust aantrekkelijker te maken. Zo is op en langs de dijk een fietspad aangelegd, het project ‘Kiek over Diek’. En is het allernoordelijkste puntje van het Nederlandse vasteland met Groninger verbeeldingskracht uitgeroepen tot toeristische trekpleister: de Noordkaap.

 

De Hemelpoort, een tweeënhalve meter hoog kunstwerk van Rene de Boer (1945), markeert deze plek. De Boer, die in Usquert veel grote kunstwerken uit cortenstaal maakt, had dit niet specifiek voor deze plek ontworpen. Vertegenwoordigers van de gemeente Eemsmond zagen het beeld in zijn atelier en vonden het uitermate geschikt voor de Noordkaap. Drie zuilen, in een driehoek geplaatst, staan voor het dagelijks leven. De opening in het ‘dak’ symboliseert dat er meer is dan de dagelijkse beslommeringen.

 

Vanaf de Noordkaap ontwaren we aan de horizon de hoogbouw van het Duitse eiland Borkum. In de verte is de Eemshaven duidelijk zichtbaar en overal draaien de windmolens. Een groepje rotganzen gaat op de wieken, waarschijnlijk op de vlucht voor het sterk stijgende water, opgestuwd door de straffe oostenwind. Een klein oorlogsmonument herinnert aan het begin van de Tweede Wereldoorlog. Juist op deze plek spoelde het stoffelijk overschot aan van de 21-jarige Bill Pryor, lid van de zeskoppige bemanning van een Brits gevechtsvliegtuig, een Wellington R3202, dat hier in zee stortte. Vanuit Uithuizermeeden is de route naar de Noordkaap bewegwijzerd.

De Hemelpoort bij Noordkaap, kunstenaar Rene de Boer

 

 

Torenspits die buigt op de wind

‘Rij naar het eind van de wereld en rem vlak voordat je er af valt.’ Deze routebeschrijving is van toepassing op onze tocht naar Nieuwe Statenzijl. Vanaf Bad Nieuweschans gaan we noordelijk en de bewoonde wereld lijkt op te houden. Hier en daar bewerken tractoren in een grote wolk stof - het is al weken kurkdroog - de uitgestrekte landerijen van de Dollardpolders. Aan de horizon schittert het felle geel van koolzaadvelden. Via coupures in de oude dijken bereiken we steeds jongere polders, totdat een sluiscomplex verschijnt. Hier, op de grens van Nederland en Duitsland, mondt de Westerwoldse Aa in de Dollard uit. Via de sluis wordt het overtollige water uit Oost-Groningen en Zuidoost-Drenthe - een aaneengesloten gebied van in totaal 92.000 hectare - richting de Dollard afgevoerd.

 

Op de dijk richting het westen staat de Waaiboei, een kunstwerk van Martin Borchert (1965). Het acht meter hoge en tweeduizend kilo zware beeld kan vrij bewegen op zijn sokkel. Onder invloed van de wind buigt de torenspits van de wind af. Hiermee symboliseert Borchert de overgang van het wad naar het ingepolderde land, waar ooit vijftig dorpen en gehuchten door de zee verzwolgen werden. We scharrelen een tijdje rond bij de Waaiboei en het sluiscomplex. Over de uitgestrekte rietvelden van de Dollard zweeft traag klapwiekend een bruine kiekendief. Boerenzwaluwen zijn druk aan het nestelen onder het dak van het sluisgebouw. Helaas is het pad naar de vogelkijkhut Kiekkaaste vanwege de coronacrisis afgesloten. Vandaag geen baardmannetjes.

Waaiboei bij Nieuw Statenzijl, kunstenaar Martin Borchert