Menselijke sporen in zee

Wat in zee verdwijnt, komt vaak nooit meer boven

Van de vele lessen die geleerd zijn van de milieuramp met de MSC Zoe in 2019, is een van de wrangste dat de Noordzee al ver vóór die ramp een soort van vuilnisbelt was. Want afval dat in de zee terechtkomt, blijft daar meestal liggen. Omdat niemand zich er verantwoordelijk voor voelt.

 

In de haven van Terschelling ligt een ietwat verfomfaaide bergingsboot aangemeerd die duidelijk veel actie heeft gezien. Boven het dek hangen hijsarmen met grote grijpers eraan; op het dek liggen de verroeste resten van wat zo te zien een scheepsboei moet zijn geweest, een stuk van een zeecontainer en een grote, warrige baal onduidelijk spul. Nylon, waarschijnlijk.

Allemaal afkomstig uit de Noordzee, waar nog véél meer afval op de bodem ligt om geborgen te worden. Het schip heet Friendship en het wordt ingezet voor het project CleanUpXL, dat in 2021 is gestart met als doel 800.000 kilo afval van de zeebodem te halen. Aanleiding was de ramp met het containerschip MSC Zoe, in januari 2019. Maar die enorme baal nylon die nu aan dek van de Friendship ligt, is niet afkomstig van die ramp.

Ongeloof

Je zou kunnen zeggen dat CleanUpXL ook is ontstaan uit ongeloof, als je luistert naar het verhaal van Ellen Kuipers, het brein achter het project: ‘De Nederlandse overheid vond het goed dat de reder stopte met het opruimen van afval van de Zoe-ramp, met als argument dat de CO2-uitstoot van zo’n operatie slechter is voor het milieu dan het afval in zee te laten liggen. Het idee dat die rommel in zee ligt en je besluit om dat gewoon te laten liggen! Ik dacht: dat kan toch niet waar zijn? Ik bedoel: als het niet ‘jouw’ afval is dat je kunt opruimen, ruim dan in ieder geval ándere rotzooi op. Er ligt genoeg!’

En daar wringt het, ziet Kuipers: ‘Afval in zee wordt door de overheid alleen opgeruimd als het ‘nautisch gevaarlijk’ is of wanneer het gaat om gevaarlijke stoffen. Maar kennelijk worden duizenden kilo’s plastic kinderspeelgoed of andere meuk zoals door de MSC Zoe is verloren, niet gezien als gevaarlijke stoffen – zo staat het niet in de wetgeving omschreven. Maar er worden zeehonden gevonden met plastic om hun nek, dode vogels met hun maag vol plastic; wij mensen hebben zelfs plastic in ons bloed… In de diepste troggen, in elke oceaan vind je plastic. En het blijft gewoon liggen.’

Niemands zaak

Het probleem, zegt Kuipers, is dat afval in zee niemands zaak is. Zeker, reders moeten wettelijk gezien afval opruimen dat van hun schepen afkomstig is, maar zoiets handhaven is enorm lastig. En wat te denken van oude niet meer gebruikte kabels? Verloren netten? Overboord gegooide rommel? En denk eens aan die baal nylon aan boord van de Friendship: ‘We weten het niet 100 procent zeker, maar we vermoeden dat die nylon weleens afkomstig zou kunnen zijn uit het wrak van een Turks schip dat in 1960 ten noorden van Terschelling zonk na een aanvaring’, vertelt Kuipers. Als dat klopt, dan ligt dat spul er dus al 60 jaar en niemand heeft zich ooit bekommerd om het opruimen ervan. Misschien komt dat ook wel omdat er dus geen echt sluitende regels zijn voor wie afval in zee moet opruimen, hoe het moet worden opgeruimd en wie dat moet betalen.

Gek genoeg zijn er wél regels voor de vrijwillige opruimers van CleanUpXL. Kuipers: ‘Afval opruimen uit zee is een dure hobby. Je moet schepen huren en een scheepsagent die je helpt met douanezaken, want wat je aan land brengt moet worden ingeklaard bij de douane. Vervolgens moet je het afval tegen betaling laten afvoeren. Wil je het hergebruiken, dan betaal je opnieuw. We kiezen er daarnaast voor om te betalen voor de compensatie van onze CO2-uitstoot, want de Friendship vaart op fossiele brandstof. Gelukkig wordt er intussen met veel sympathie naar ons project gekeken en ondervinden we veel hulp van allerlei instanties.’

Regelgeving

Er vallen veel lessen te leren uit de MSC Zoe-ramp, vertelt Kuipers. Bijvoorbeeld dat afval uit zee nog lang niet altijd wordt gezien als recyclebare grondstof. Dat er wetgeving zou moeten komen om vervuilers te verplichten hun eigen rommel op te ruimen. Dat er sowieso betere internationale regelgeving moet komen. En dat plastic zou moeten worden aangemerkt als gevaarlijke stof. Kuipers fel: ‘Piepschuim al helemaal, daar moet meteen een verbod op komen! Het wordt door de wind verspreid, het valt uit elkaar, neemt de kleur aan van de omgeving en dan kun je het nooit meer opruimen.’ Maar misschien is de belangrijkste les wel dat ook wij, de consumenten, een rol te spelen hebben. ‘Wat de MSC Zoe betreft: containervervoer kun je niet stoppen. Dat hoeft ook niet. Maar we doen er goed aan ons af te vragen wat we nou eigenlijk écht nodig hebben. En of al die spullen die over de wereld worden gesleept het risico waard zijn.’

 

Geleerde lessen MSC Zoe ramp

Unesco Werelderfgoed Waddenzee grenst aan drie landen: Denemarken, Duitsland en Nederland. Eens in de vier jaar wordt de Trilaterale Regeringsconferentie gehouden. Daar wordt het beleid afgestemd op welke wijze de drie landen de Waddenzee het beste kunnen beschermen.

Bij de recente 14e Trilaterale Regeringsonferentie, gehouden van 28 november tot 1 december 2022 in Wilhelmshafen, organiseerde de Waddenvereniging samen met het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat een workshop over welke lessen er zijn geleerd van de ramp met de MSC Zoe. Want: ‘Het minste wat we kunnen doen, is leren van de ramp’, aldus Kuipers. ‘Je merkt dat de wereld van de scheepvaart door de containerramp verandert. Wereldwijd zijn partijen, waaronder de scheepvaartbranche, scheepsverzekeraars en wetenschappers bezig met maatregelen en technische innovaties om zulke rampen te voorkomen.’

 

Uit het WADDEN magazine

Dit artikel is verschenen in het WADDEN magazine van december 2022. Tekst Diederik Plug met foto’s van Maurice Volmeyer. Wil je het magazine ook ontvangen? Word lid van de Waddenvereniging vanaf €27,- per jaar, steun ons werk en ontvang het magazine 4x per jaar in de (digitale) brievenbus.