Meer Amerikaanse strandschelpen?

donderdag 9 juli 2020

Door: Cora de Leeuw

 

Er verschijnen regelmatig nieuwe uitheemse soorten in de Waddenzee. Sinds 2017  hebben onderzoekers de Amerikaanse strandschelp (Mulinia lateralis) ontdekt. Deze heeft grote potentie om een invasieve soort te worden en een concurrent van de inheemse Kokkel. Maar de soort zou ook een voedselbron voor andere dieren kunnen zijn, of zich niet verder gaan uitbreiden.

De Amerikaanse strandschelp (Mulinia lateralis). Foto: Brenda Walles (WUR)

 

Uitheemse soorten

Zeker al vanaf de jaren ’70 komen er uitheemse soorten voor in de Waddenzee, vanuit de hele wereld. Onder meer de in 2018 overleden Prof. dr. Wim Wolff beschreef dat deze nieuwe soorten, zoals bijvoorbeeld de Japanse oester, de Amerikaanse zwaardschede en het Japanse bessenwier, soms zeer dominant kunnen zijn en een grote invloed kunnen hebben op de ecologie van de Waddenzee. Veel uitheemse soorten bereiken de Waddenzee via ballastwater: water dat schepen gebruiken om stabiel te blijven als ze niet helemaal vol zijn. Volgens het internationale Ballastwaterverdrag moeten vanaf 2024 alle schepen een installatie hebben om ballastwater te zuiveren van uitheemse organismen, om het risico van verspreiding te verminderen of weg te nemen.

 

Momenteel worden er nog steeds nieuwe uitheemse soorten aangetroffen die waarschijnlijk met ballastwater meegekomen zijn. De jachthavens in de Waddenzee fungeren daarbij als belangrijke verspreidingsstations (zie WadWeten Exoten en de recreatievaart, 9 november 2017). Ook komen er nieuwe soorten vanuit omringende wateren naar de Waddenzee, omdat ze zich door de verandering van het klimaat in het steeds warmer wordende Waddenzeewater kunnen handhaven. De Nederlandse Malacologische Vereniging heeft onlangs haar Zoekkaart ‘Schelpen van het Nederlandse strand’ aangepast door toevoeging van vier steeds gewoner wordende exoten.



De oorsprong van de 87 uitheemse soorten die tot 201 in de Waddenzee zijn gevonden en geregistreerd. Bron: Arjan Gittenberger (GiMaRIS).

 

De Amerikaanse strandschelp

De laatste jaren lijkt het snel te gaan met de komst van uitheemse soorten, vooral wat betreft slakken en schelpdieren. Een daarvan is de Amerikaanse strandschelp (Mulinia lateralis). In 2017 is deze voor het eerst in de Voordelta (Zeeland) en de Dollard aangetroffen door onderzoekers van Wageningen Marine Research (WMR) en het Nederlands Instituut voor Onderzoek der Zee (NIOZ). In 2018 is de soort in de Westerschelde en op meerdere plaatsen in de Waddenzee en het Eems-Dollard-estuarium waargenomen en in 2019 ook op het Balgzand. Van oorsprong komt de Amerikaanse strandschelp voor in de westelijke Atlantische Oceaan, langs de oostkust van Noord-Amerika van de Golf van St. Lawrence tot de Golf van Mexico. Daar lijkt het een typisch estuariene soort vanwege de voorkeur voor fijn sediment en niet te zout water. Daarom zou de Amerikaanse strandschelp ook goed in de Nederlandse getijdenwateren kunnen gedijen en zeker in de Waddenzee.

Amerikaanse strandschelpen zoeken en gevonden (vastzittend aan plukken Zeesla) bij Termunterzijl. Foto’s: Jaap de Boer (NMV).

 

Herkenning

De Amerikaanse strandschelp lijkt veel op de inheemse Halfgeknotte strandschelp (Spisula subtruncata), maar deze komt vooral voor op zandige en zoute plaatsen, in Nederland langs het Noordzeestrand. De Amerikaanse strandschelp is meer een wadsoort en de schelpen zijn boller. Aan de top zijn de schelpen van de Amerikaanse strandschelp glad en de slotband ligt aan de binnenkant van de schelp. Deze slotband heeft tandjes, die bij de Halfgeknotte strandschelp gekarteld zijn en bij de Amerikaanse strandschelp glad.

 

Linker- en rechter klep van de Amerikaanse strandschelp. Bron: Klunder e.a., 2019 (NIOZ)

 

Invasie?

Diverse onderzoekers denken dat de Amerikaanse strandschelp de potentie heeft om een invasieve soort te worden. Wat betreft het leefmilieu past de soort goed in de Waddenzee. Daarnaast zijn de dieren al na 60 dagen geslachtsrijp, kunnen ze een generatietijd hebben van 3 maanden en een groot aantal nakomelingen produceren. Ze kunnen ook onder zuurstofloze omstandigheden leven en bij extreme temperaturen. Ze leven van hoge concentraties fytoplankton: microscopisch kleine algen die in het water zweven. Ze zouden hiermee een geduchte concurrent kunnen zijn van de Kokkel. Daarnaast kunnen ze ook als voedsel dienen voor krabben, vissen, zeesterren en schelpdier-etende vogels zoals scholeksters en eidereenden. Onderzoekers van het NIOZ  hebben een kaart gemaakt met het potentiële habitat van de Amerikaanse strandschelp. Dat beslaat vooral de droogvallende delen van de oostelijke Waddenzee en het Eems-Dollard-estuarium. De tijd zal het leren hoe het met deze soort verder gaat.

 

Bronnen:





Artikel WadWeten

In de serie WadWeten artikelen wordt het waddengebied beschreven vanuit verschillende onderzoeksdisciplines, zoals de biologie, geologie en cultuurhistorie. Een wetenschappelijke benadering in heldere taal. De berichten worden beurtelings geschreven door wetenschappers van de Waddenacademie en de Waddenvereniging. Wilt u op de hoogte blijven? Schrijf u dan in voor het maandelijkse WADDEN nieuws of houdt deze pagina regelmatig in de gaten.

In 2010 werden een aantal WadWeten artikelen gebundeld in het boekje Waddenwijsheid (ISBN 9789087410230).
Begin 2015 kwam er een vervolg: Meer Waddenwijsheid (ISBN 9789087410322). Het rijk geïllustreerde boek geeft antwoorden op vragen als: welke beestjes krioelen er in het zand, welke wadvogels werden gegeten in de terpentijd, hoe oud wordt een zwaardschede, welke stormen zijn gevaarlijk voor de Wadden.

Ecomare Waddenacademie Waddenvereniging