Nieuwe kansen voor de zeeforel

donderdag 12 maart 2015

Door Hans Revier

Honderden jonge zeeforelletjes werden op vrijdag 7 maart losgelaten in het Lauwersmeer. Hiermee is een project ingeluid dat door verbeteren van de waterkwaliteit en het wegnemen van barrières herstel van de populatie van deze trekvis in de Noord-Nederlandse binnenwateren mogelijk maakt. Een succesvol vergelijkbaar project op het Deense eiland Funen diende als inspiratiebron.

 

De forel (Salmo trutta) is een vissoort met twee levenswijzen. De eerste jaren leven de jongen in beekjes en rivieren. De soort kan vervolgens zijn gehele leven in het zoete water voorkomen of naar zee trekken en alleen voor de voortplanting terugkeren in het zoete water. De vissen die deze laatste levenswijze vertonen noemen we zeeforel. Blijven de forellen uitsluitend in het zoete water dan noemen we ze beekforellen. Vooral de zeeforel kan uitgroeien tot een forse vis van meer dan 1 meter lang. De zeeforel komt van nature in het Waddenzeegebied voor, maar is daaruit nagenoeg verdwenen vanwege de barrières die in de loop der tijd ontstaan zijn voor zijn trek en voortplanting. De afgelopen jaren zijn door sportvissers in het stroomgebied van het Lauwersmeer enkele vangsten van zeeforellen gemeld, zoals in de haven van Leek en de Diepenring in de stad Groningen. Dit zijn vissen die waarschijnlijk via de sluis in het Lauwersmeer het achterland zijn ingetrokken, op zoek naar geschikte paaiomstandigheden.

Drentse beken

Omdat uit Deense en Duitse voorbeelden was gebleken dat zeeforel levensvatbaar is in de laaglandbeken die uitkomen op de Waddenzee hebben o.a. Sportvisserij Nederland, het waterschap Noorderzijlvest en de Waddenvereniging het initiatief genomen tot het zeeforelproject Lauwersmeer. Dit behelst het passeerbaar maken van barrières in de potentiële trekroute vanaf de Waddenzee zodat over enkele jaren zeeforellen zelfstandig via het Lauwersmeer, langs de stad Groningen naar beken in Drenthe en Groningen kunnen zwemmen om daar te paaien. De grootste knelpunten zijn nu geïnventariseerd. De komende jaren wil men schutsluizen en gemalen passerbaar maken en bovenstrooms geschikte paai en opgroeiplekken creëren.  Deze maatregelen leiden ook tot verbetering van de waterkwaliteit in de Drentse beken. Naast de forel kunnen ook andere vissen zoals rivierprik, aal, driedoornige stekelbaars, winde, bermpje, serpeling en houting profiteren van het herstel van beeksystemen en vrije migratie.

Funen

Onderzoek uit 2012 wees nog uit dat herstel van de migratieroutes vanaf het Lauwersmeer onbegonnen werk zou zijn (zie wadweten 6 -9-2012), maar het succes van een vergelijkbaar project in Denemarken inspireerde de initiatiefnemers. Vanaf 1990 zijn op het eiland Funen op 192 locaties vispassages aangelegd. Soms werden obstakels in zijn geheel weggenomen, maar voor het overgrote deel zijn sluizen en dammetjes passerbaar gemaakt voor trekvissen. Hiermee is meer dan 500 kilometer aan waterlopen geschikt gemaakt voor de zeeforel. Uit inventarisaties bleek dat het aantal jonge zeeforel steeg met percentages van meer dan 300%. In waterlopen waar vispassages zijn aangelegd telde men 44 tot 85 zeeforellen per 100  m2, vergelijkbaar met de dichtheid in natuurlijke waterlopen in Denemarken.

 

Sportvisbestemming

In het stroomgebied van het Lauwersmeer kan alleen een levensvatbare populatie zeeforel ontstaan als de jonge vissen daar opgroeien. De jonge zeeforel die in het Lauwersmeer is uitgezet is afkomstig uit Noord-Duitse introductieprogramma’s en behoort tot de Waddenzeestam. De herstelde populatie plant zich daar voort in de laaglandbeken en deze lijken sterk op de beken in het stroomgebied van het Lauwersmeer. Ze groeien waarschijnlijk twee jaar verder op in het Lauwersmeer om dan de weg naar zee te kiezen. Na twee tot vijf jaar willen ze dan weer terugkeren naar de bovenlopen van beken om daar te paaien. Om gelijk met het introductieprogramma de Lauwersmeer te promoten als sportvisbestemming zullen de eerste jaren ook volwassen zeeforellen worden uitgezet.

Bronnen

Bangsgaard, L., Cording, R., & Kjeldsen, J. H. (2014). Efforts to enhance anadromous brown trout on Funen, Denmark. Journal of coastal conservation, 18(2), 89-95. http://link.springer.com/article/10.1007/s11852-014-0304-5

Bartelds, Marc C. "Sea trout in the Dutch Wadden Sea and adjacent freshwater streams." (2012). http://www.living-north-sea.eu/uploads/files/LNS_report_seatrout_WaddenSea.pdf

De Laak, G.A.J., 2007. Kennisdocument forel, Salmo trutta (Linnaeus, 1758).
Kennisdocument 7. Sportvisserij Nederland, Bilthoven.
http://www.google.nl/url?sa=t&rct=j&q=&esrc=s&frm=1&source=web&cd=1&cad=rja&uact=8&ved=0CCEQFjAA&url=http%3A%2F%2Fwww.sportvisserijnederland.nl%2Finclude%2Fdownloadfile.asp%3Fid%3D13&ei=mG4AVbi4K4XJPaCsgfAN&usg=AFQjCNHjtR5TmYGBxhFA43qMFM5zUR8POA

Het filmpje is gemaakt door Bart Postma.




Artikel WadWeten

Het wekelijkse artikel WadWeten verschijnt in de digitale nieuwsbrief en op de websites van de Waddenvereniging en Waddenacademie. In deze serie artikelen wordt het waddengebied beschreven vanuit verschillende onderzoeksdisciplines, zoals de biologie, de geologie en de cultuurhistorie. Een wetenschappelijke benadering in heldere taal. De berichten worden beurtelings geschreven door wetenschappers van Ecomare, de Waddenacademie en de Waddenvereniging.

In 2010 werden een aantal WadWeten artikelen gebundeld in het boekje Waddenwijsheid (ISBN 9789087410230). Begin 2015 kwam er een vervolg: Meer Waddenwijsheid. Het rijk geïllustreerde boek geeft antwoorden op vragen als: welke beestjes krioelen er in het zand, welke wadvogels werden gegeten in de terpentijd, hoe oud wordt een zwaardschede, welke stormen zijn gevaarlijk voor de Wadden. Dit prachtige boek boordevol Waddenkennis is verkrijgbaar bij de boekhandel voor € 12,90 (ISBN 9789087410322).

Ecomare Waddenacademie Waddenvereniging