Bruinvissen naar een houseparty

donderdag 9 juni 2016

Door Jessica Schop

Voor de opwekking van elektrische energie wordt er steeds meer gebruik gemaakt van windmolens in zee. Voor de fundering van de molens wordt er in veel gevallen palen in de zeebodem geheid. Dit gaat gepaard met harde klappen, wat effecten kan hebben op de mariene fauna. De bruinvis zal tijdelijk minder goed kunnen horen als het te dichtbij de heiactiviteiten is geweest. In welke mate het gehoor minder zal zijn is afhankelijk van diverse factoren.

 

Voor de aanleg van windmolenparken op zee bestaan verschillende funderingstechnieken, zoals een drijvende constructie of afzinktechnieken, maar het onderheien is het meest voorkomende techniek. Het heien gaat gepaard met harde klappen die onder water op grotere afstanden te horen zijn dan in de lucht. De laatste decennia is veel onderzoek naar de effecten van onderwatergeluid op zeezoogdieren gedaan. De bruinvis, die veel voorkomt in de Noordzee, wordt beschouwd als een van de meest sensitieve dieren als het gaat om onderwaterakoestiek. Bruinvissen zijn afhankelijk van hun gehoor en gebruiken dit bij verzamelen van voedsel, navigeren, communicatie en het ontwijken van prooien.  Bruinvissen met een slecht gehoor kunnen dus in de problemen raken.

 

Minder horen?

Als een mens of dier minder hoort door blootstelling aan hard geluid kan dit PTS of TTS veroorzaken. PTS (Permanent Threshold Shift) betekent dat de gehoordrempel permanent verschoven is en dat dit niet zal herstellen. Bij TTS (Temperary Threshold Shift) is de gehoordrempel slechts tijdelijk verschoven. Voor een verschuiving van de gehoordrempel zijn verschillende dingen sturend: zo is de intensiteit of hardheid en de duur van het geluid van belang. Daarnaast heeft de duur van rustperiodes tussen de geluiden invloed. Met het zetten van palen voor de windmolens is dat dus de periode tussen de heiklappen in.

 

Recentelijk is er een onderzoek uitgevoerd met twee bruinvissen in gevangenschap. De dieren werden getraind om naar een luisterstation te zwemmen en er te wachten op een geluidsignaal. Zodra ze het signaal gehoord hadden, zwommen ze terug naar een trainer die ze een vis als beloning gaf. Als het geluid niet waargenomen werd bij het luisterstation, werd er op de rand van het bassin geklopt en kwamen de dieren naar de trainer. Een dergelijke sessie, waarin de bruinvissen tientallen keren teruggestuurd werden naar het luisterstation, werd uitgevoerd voor en nadat de dieren blootgesteld werden aan heigeluiden. 


Meten is weten, maar hoe?

 In de studie is op deze wijze gekeken hoe TTS bij bruinvissen ontwikkelt bij heigeluiden met verschillende tijdsduren. De bruinvissen hoorden na blootstelling van de geproduceerde heigeluiden in het bassin tot ongeveer 5 dB minder goed dan voordat ze werden blootgesteld. Deze vermindering van het gehoor was bij beide bruinvissen na ongeveer een uur weer helemaal hersteld. Uiteraard zal het gedrag van een bruinvis in het wild anders zijn dan in gevangenschap, maar het onderzoek geeft een goede indicatie van de mate van schade die heien aan het gehoor van bruinvissen kan toedoen. Op basis van het onderzoek schatten de wetenschappers in dat  op een afstand van 30 kilometer van de bron de TTS niet toeneemt, indien het heien niet langer duurt dan een uur.


                                               

Linker grafieken:

Per bruinvis wordt aangegeven hoe TTS hersteld. De doorlopende lijnen geven weer wanneer de bruinvissen zijn blootgesteld en de stippellijnen geven controle sessies weer, dus wanneer ze niet werden blootgesteld aan geluid. Klik op de afbeelding voor een vergroting. 

Rechter grafieken:
In deze figuren wordt aangegeven hoeveel dB TTS elke bruinvis heeft na blootstelling heigeluiden van verschillende tijdsduren. De doorlopende lijnen geven weer wanneer de bruinvissen zijn blootgesteld en de stippellijnen geven controle sessies weer, dus wanneer ze niet werden blootgesteld aan geluid.  Klik op de afbeelding voor een vergroting. 


Bronnen

Kastelein, R. A., Helder-Hoek, L., Covi, J., & Gransier, R. (2016). Pile driving playback sounds and temporary threshold shift in harbor porpoises (Phocoena phocoena): Effect of exposure duration. The Journal of the Acoustical Society of America, 139(5), 2842-2851.

 

Kastelein, R. A., Gransier, R., Marijt, M. A., & Hoek, L. (2015). Hearing frequency thresholds of harbor porpoises (Phocoena phocoena) temporarily affected by played back offshore pile driving sounds. The Journal of the Acoustical Society of America, 137(2), 556-564.

 

Kastelein, R. A., van Heerden, D., Gransier, R., & Hoek, L. (2013). Behavioral responses of a harbor porpoise (Phocoena phocoena) to playbacks of broadband pile driving sounds. Marine environmental research, 92, 206-214.



Artikel WadWeten

Het wekelijkse artikel WadWeten verschijnt in de digitale nieuwsbrief en op de websites van de Waddenvereniging en Waddenacademie. In deze serie artikelen wordt het waddengebied beschreven vanuit verschillende onderzoeksdisciplines, zoals de biologie, de geologie en de cultuurhistorie. Een wetenschappelijke benadering in heldere taal. De berichten worden beurtelings geschreven door wetenschappers van Ecomare, de Waddenacademie en de Waddenvereniging.

In 2010 werden een aantal WadWeten artikelen gebundeld in het boekje Waddenwijsheid (ISBN 9789087410230). Begin 2015 kwam er een vervolg: Meer Waddenwijsheid. Het rijk geïllustreerde boek geeft antwoorden op vragen als: welke beestjes krioelen er in het zand, welke wadvogels werden gegeten in de terpentijd, hoe oud wordt een zwaardschede, welke stormen zijn gevaarlijk voor de Wadden. Dit prachtige boek boordevol Waddenkennis is verkrijgbaar bij de boekhandel voor € 12,90 (ISBN 9789087410322).

Ecomare Waddenacademie Waddenvereniging